O- Begrippenlijst NLP
Ons brein – en daardoor wij dus ook – ontvangt informatie uit de buitenwereld via onze vijf zintuigen. Dat zijn zien, horen, ruiken, voelen, proeven.
Ruiken heeft hier de mooie vertaling ‘olfactorisch’.
Het leuke is, dat je brein je ook kan laten ruiken zonder werkelijk iets te ruiken. Dus als opgeslagen herinnering of verzonnen!
Hoe? Komt-ie: stel je eens voor dat je een appeltaart uit de oven haalt. Daar hoort een geur bij, toch? Misschien krijg je er nu al zin in!
Dat is jouw interne weergave van geur. De appeltaart is er niet echt, toch?!
Een ander voorbeeld is dat je de geur ruikt van je eerste verliefdheid. Boem, je brein zet je zo terug in die film van toen!
Bij het stellen van doelen en werken aan jezelf, is het belangrijk dat je al jouw zintuigen zo goed mogelijk kietelt.
Olfactorisch is dus de zintuiglijke waarneming van geur en die hoort erbij.

Je onbewuste brein, je onder-bewustzijn is alles waar je nu niet bewust van bent.
Bijvoorbeeld de temperatuur van je telefoon of toetsenbord, hoe vaak je adem hebt gehaald de afgelopen minuut, het gevoel van de kledingstof die je aan hebt, hoeveel kleuren blauw er om je heen zijn en welke geluiden er allemaal om je heen zijn behalve die je hoort.
Ons onbewuste brein neemt alles waar en geeft maar een fractie door aan ons bewustzijn.
Het is het domein van emoties, herinneringen en intuïtie. Je hoeft niet te denken om te kunnen voelen.
Ons onbewuste is de opslagplaats van alles wat we ooit hebben meegemaakt. Het zorgt voor alle lering, alle gedrag en alle verandering.
Het is dus dat deel van ons brein waar we onbewust van zijn en naar schatting 300.000 keer sneller en sterker is dan ons bewuste brein.
Denk er eens over na.
Echte transformatie gebeurt niet in je hoofd maar in je hart.
En voor die toegang is jouw onbewuste dé portier. Met NLP krijg je de sleutel die te openen.

Richard Bandler en John Grinder ontdekten dat er patronen verborgen liggen in oogbewegingen.
Dat de beweging van ogen iets zegt over wat iemand in zijn hoofd doet. Over welke hersendelen geactiveerd worden. Of die persoon denkt, voelt, iets ziet of hoort. Uit herinnering of verzonnen.
Dat is super boeiend om te leren en te gebruiken in gesprekken.
Ogen zijn in die zin spiegels van de ziel: ze geven ons de route die ons zenuwstelsel aflegt om iets te creëren of te herinneren, om informatie te vergaren en om beslissingen te nemen.
Dat betekent dat via oogbewegingen ook verandering gerealiseerd kan worden!
Heel gaaf, ook heel makkelijk en tegelijk ongelooflijk leuk.
Let maar eens op iemands ogen als je met hem of haar in gesprek bent. er is van alles zichtbaar. en als je de betekenis ervan weet, wordt het nog mooier.

John Grindler en (met name) Richard Bandler, de grondleggers van NLP, waren enorm nieuwsgierig naar hoe succesvolle mensen tot hun successen kwamen.
Zij stelden zichzelf veel vragen waaronder: “Hoe kon het nu dat in eenzelfde werk- of leefgebied de ene persoon geweldig goede resultaten haalde en een ander niet? Wat maakte het verschil? En als we het verschil zouden kunnen ontdekken, zouden wij het dan kunnen modelleren, zelf kunnen toepassen én dezelfde resultaten halen?”
Het antwoord daarop was volmondig ‘Ja’.
Dat proces vanuit de houding van nieuwsgierigheid, bereidheid om dingen anders te doen en andere dingen te doen, leidde tot modellen en vervolgens een straat van technieken binnen NLP.
De volgorde ‘houding – modelleren – technieken’ is belangrijk om NLP te snappen en er succesvol mee te kunnen werken.
Uitkomst (of: Outcome) is de term die wordt gebruikt bij de verwijzing naar de te behalen resultaten bij het stellen van doelen in NLP.
Resultaten zijn de uitkomsten die je wilt halen of juist uitkomsten die je niet wilt halen. Maar ze zijn altijd een gevolg van gedrag, vaardigheden, overtuigingen, waarden, je persoonlijke houding en missie.

Overlap van representatiesystemen is een NLP-techniek – vaak gebruikt in coaching – waarbij je het ene representatie systeem gebruikt om toegang te krijgen tot het andere.
Je kunt dan bijvoorbeeld iemand in taal meenemen van zijn voorkeur representatiesysteem (auditief digitaal) naar het gewenste representatiesysteem (visueel). Bij het uitvoeren van de techniek zijn de tonaliteit en predikaten belangrijk.
Een voorbeeld: Iemand kan niet zo gemakkelijk beelden ophalen (visuele representatiesysteem) van een bepaalde herinnering, maar heeft wel makkelijk toegang tot zijn interne dialoog (auditief digitale representatiesysteem).
Als coach kun je dan beginnen tegen deze persoon te praten in het auditief digitale representatiesysteem en daarna over te gaan richting het visuele representatiesysteem.
Staat jouw vraag er niet tussen?
Neem gerust contact op via remko@remkogrijm.nl of bel 085 -130 91 70.
Je kunt gratis je vraag stellen en ik denk graag met je mee.